Home » HISTORIE » klassieken » 19e eeuw » Trompet/Cornet

AIDATROMPET 1830BACHTROMPET

De uitvinding van de ventielen.

  • Het is alom bekend dat de Duitsers Stölzel en Blühmel de pioniers waren op het gebied van de ventielwerking. Heinrich Stölzel was hoornist en instrumentenbouwer in dienst van de koning van Pruisen.  Hij ontdekte eigenlijk de werking van de ventielen en in samenwerking met de hoboïst Friedrich Blühmel kregen zij in 1818 patent op hun ontdekking.
  • Op 6 December 1814 stuurt de hoornist een brief naar koning Wilhelm III van Pruisen, waaruit blijkt dat Stölzel op een volmaakte "Inventionshorn" speelde.
  • In 1815 vraagt hij middels een brief patent aan op zijn uitvinding. Hiervoor moet hij zijn instrument laten goedkeuren. Hij laat echter niets meer van zich horen. Later bleek dat hij nog twee jaar aan verbeteringen heeft gewerkt.
  • Het resultaat is in 1818 een systeem met nadelige scherpe hoeken. Gelijktijdig met het opnieuw aanvragen van zijn patent wordt de hoboïst als eigenlijke uitvinder aangewezen.
  • Het blijkt echter dat het systeem van Stölzel beter is dan dat van Blühmel, wel een tweetal ventielen met het zgn. "Schusterbox"-mechanisme bezit.
  • Op 6 april 1818 besluiten Stölzel en Blühmel te gaan samenwerken en vragen samen patent aan onder de firmanaam: "Stölzel und Blühmelische Erfindung". Stölzel verkoopt zijn aandeel aan Blühmel, die belooft het systeem niet meer te gebruiken of verder uit te werken. Op 12 April 1818 kregen zij voor 10 jaar hun patent van de Koning van Pruisen.

DE CORNET à Pistons

  •  (na 1825) In 1830 ontwikkelde een zekere Halary een militaire posthoorn met 3 ventielen. Hieruit ontwikkelde zich in de loop an de tijd een instrument "Cornet à Pistons" dat de trompet overtrof. Doordat de buis korter was en een groter conisch verloop had, was de cornet à pistons beweeglijker en mooier van klank. De cornet is niet ontstaan uit een trompet maar uit de (post)hoorn die voorzien werd van ventielen. Het franse woord voor posthoorn is trouwens "cornet simple".
  • Ook in de Renaissance werd met het woord cornet(to) een hoorn, maar dan een natuurhoorn bedoeld. Een tijdlang is voor de cornet het verwarrende woord piston gebruikt: met name eind 19e en begin 20e eeuw werd hiermee de "cornet a pistons" bedoeld, piston is namelijk het franse woord voor ventiel.
  • Ook de naam "cornet a pistons" is een extra aanwijzing dat de cornet ontstaan is uit de (post)hoorn. Componisten als Saint-Saens, Tchaikowski, Bizet, Gounod, etc. schreven technisch moeilijke passages voor de cornet à pistons i.p.v. de ventieltrompet.
  • De cornet à pistons werd voornamelijk in Frankrijk erg geliefd. Met name de virtuoze cornettist Jean Baptiste Laurent Arban zorgde ervoor dat men aan het Parijse Conservatorium naast trompet ook cornet à pistons kon studeren. Toch werd op den duur de trompet met zijn heldere en heroïsche klankkleur het orkestinstrument.
  • Met name de stemming bes benadert de beweeglijkheid van de cornet à pistons. Ook aan het Parijse conservatorium ontwikkelde de trompetschool zich ook sterker dan de cornetschool. Een andere beroemde cornettist naast Arban was de Amerikaan Herbert L. Clarke (1867-1945). Hij was van 1904 tot 1917 solocornettist in het orkest van John Phillip Sousa. Daarnaast was hij een voortreffelijk componist van solowerken en studiemethoden voor de cornet à pistons (uitgave Carl Fisher).  
  • Bijna overal, in Frankrijk, België, Engeland en Amerika, bedreigde de cornet het bestaan van de trompet. De toon was weliswaar minder edel, maar de cornet was gemakkelijker te bespelen. De jonge Harper waarschuwde in Engeland omstreeks 1885 al, dat de cornet de overhand zou nemen.  De muziektheoreticus Gevaert schreef in zijn instrumentatieleer van 1885, dat de cornet in alle Latijns-sprekende landen onder de verkeerde naam Trompette i pistons de trompet uit het orkest verdrongen had. Hetzelfde bericht kwam een generatie later uit Amerika van Edwin Frank Goldman.
  • Het gebruik van de cornet heeft een positieve ontwikkeling gehad ten aanzien van het solistisch optreden. De trompet was sinds het begin van de 19e eeuw geen solistisch instrument, maar een orkestinstrument. De weinige trompetconcerten uit de 19e eeuw zijn slechts uitzonderingen. Door haar beweeglijkheid werd de cornet veel gebruikt door Italiaanse en Franse componisten, bijv. in Rossini's Wilhelm TeIl (1829).

In HaFaBra-orkesten komt naast

  • de cornet in Bes,
  • de Es-cornet,
  • cornettino of sopraninocornet voor .

 

Verduidelijking van enkele namen met de verwerking van het woord cornet:

corno torto, cornet i bouquin, 

cornetto = zink

cornet de poste = posthoorn

cornet ta a chiari = klephoorn

cornetta di postiglioni = posthoorn

 

In vergelijking met de bugel is de kornet wat lastiger bespeelbaar door de engere mensuur. De toon van de kornet is hierdoor minder mild dan die van de bugel, maar duidelijk milder dan die van de trompet.

  • De kornet lijkt veel op de trompet. Het instrument heeft evenwel een andere geschiedenis: het stamt af van de posthoorn (de naam betekent dan ook letterlijk "hoorntje"). Het verschil is voornamelijk dat de buis van de kornet een gemengd cilindrisch-conische vorm heeft en die van de trompet een cilindrische: tussen het mondstuk en de beker wordt de diameter van de buis van de kornet na een recht deel steeds wijder. Ook is de kornet compacter gebouwd, met wijdere bochten dan de trompet. De kornet staat overwegend in Bes gestemd, maar in ouder repertoire komt ook de kornet in A voor (Stravinsky en Tsjaikovski). Verder komt in de brassband nog de Es-kornet (ook wel sopraan- of sopranokornet genoemd) voor.
  • Op dit instrument konden solisten als Jean-Baptiste Arban technisch zeer moeilijke stukken uitvoeren en het werd zo een echt showinstrument.
  • Met de eeuwwisseling kwam de jazz als muziekstroming op en de kornet kreeg daar meteen een belangrijke plaats. In de twintigste eeuw moest de kornet echter geleidelijk wijken voor de trompet.
  • Een belangrijke rol is voor de kornet weggelegd in de (Engelse stijl) brassband; deze orkestvorm, o.a. gekenmerkt door een strikte bezetting, telt 10 kornetten (waarvan 9 in Bes en 1 in Es) op een totale bezetting van 25 koperblazers.
  • De kornet wordt ook gebruikt in rock- en popmuziek wegens zijn volle geluid. Ook wordt de kornet bespeeld in dweilorkesten.

 


Maak een Gratis Website met JouwWeb